Van het koude water in 'moeten' naar er zelf voor kiezen

Al vijf jaar zwem ik iedere week met een groep vriendinnen in een meer in de duinen, het hele jaar door. En als ik dan ‘s ochtends vroeg met mijn zwemspullen aan het stuur weer eens de regen en tegenwind trotseer, denk ik nog steeds wel eens: “waarom doe ik dit ook alweer?”
Inmiddels ken ik de beloning na de ‘dip’ als het water echt koud is. De lichte spanning voordat we het water ingaan, de gedachtes die dan nog alle kanten opgaan, en dan het water in, aftellen en zakken, het koude water dat je omsluit, je lijf dat reageert en dan toch rustig doorademen. En vervolgens de ontspanning voelen, geen gedachtes meer, geen lijstjes en geen mails, en alleen nog het water en de prachtige omgeving. Tot ik voel dat het genoeg is. En dan ga ik eruit, met een rode huid, een glimlach en een gevoel van trots: dat heb ik toch maar weer even gedaan.
Vijf jaar geleden ging dat anders. Toen bleef ik langer in het water, omdat de anderen dat ook deden, omdat langer toch beter was, dacht ik. In het water merkte ik er niks van. De rekening kwam pas daarna, als ik eenmaal aan de koffie merkte dat ik rillerig bleef en niet goed warm werd.
Als coach zie ik iets vergelijkbaars vaak bij leidinggevende vrouwen. Ze werken keihard en zijn daardoor ook echt succesvol geworden, en misschien herken je het wel: je zit de hele dag van het ene overleg in het andere, pas aan het eind van de middag kom je aan je mails toe, en als er dan nog iets bij komt, hoor je jezelf zeggen “dat pak ik wel even op”. Gewoon omdat je denkt dat dat erbij hoort. Op het moment zelf voelt het prima, en dat is nou net het verraderlijke. De rekening komt ‘s avonds, als je dochter je vertelt over haar spreekbeurt en je haar maar half hoort, omdat je hoofd nog op kantoor zit.
Ik zal je als coach niet leren om minder hard te werken. Ik wil je weer leren om te merken wanneer het genoeg voor jou is, en dan te stoppen, en dat dat oké is. Dan ben je aan het eind van de dag moe en voldaan, in plaats van moe en leeg. Probeer het deze week eens. Dat weten dat het genoeg is, heb jij namelijk ook, alleen ben je zo gewend om er overheen te gaan dat je het nauwelijks nog merkt.
Let er eens op wanneer die stille gedachte opkomt: eigenlijk is het nu wel genoeg. Misschien om half zes, misschien al tijdens dat derde overleg. Gewoon merken dat hij er is. En als het lukt, zet dan één kleine stap uit het water: klap je laptop dicht, of loop vijf minuten naar buiten.




Opmerkingen